Welke Autodesk-software past bij jou? Kies op je vak
Welke Autodesk-software je nodig hebt, wordt bepaald door je vak, niet door de lijst met mogelijkheden. Dat klinkt vanzelfsprekend, maar het is precies waar het misgaat: mensen kiezen op wat een pakket allemaal kan, en kopen daardoor te veel. De eerlijke vraag is niet “welke is de beste”, maar “wat doe ik de hele dag, en wat is het kleinste dat dat dekt”.
Hieronder loop ik de pakketten langs op discipline, met de echte adviesprijzen van Autodesk erbij, en ik zeg er eerlijk bij wanneer je juist geen bundel moet nemen.
Begin bij je vak, niet bij de software
Autodesk maakt tientallen programma’s, maar de meeste mensen hebben er één nodig, soms twee. De kunst is niet om het krachtigste pakket te vinden, maar het pakket dat bij jouw werk hoort en verder niets. Elke titel die je erbij koopt maar niet opent, is weggegooid geld, en bij Autodesk lopen die bedragen snel op. Het is verleidelijk om te denken dat meer functies nooit kwaad kunnen, maar bij software die per jaar en per gebruiker wordt afgerekend, betaal je voor elke ongebruikte functie letterlijk elke twaalf maanden opnieuw.
Dus voordat we naar prijzen kijken, de belangrijkste stap: benoem wat je maakt. Teken je platte plattegronden en doorsneden, of bouw je complete gebouwmodellen? Ontwerp je machines of producten, of maak je beelden en animaties? Het antwoord daarop wijst bijna altijd één programma aan.
Let daarbij ook op wat je omgeving van je verwacht. Software leeft niet op zichzelf: je levert bestanden aan opdrachtgevers, aannemers of collega’s, en die verwachten een bepaald formaat. Werkt je hele keten in Revit, dan is een AutoCAD-tekening aanleveren omslachtig, en andersom net zo goed. De vraag “wat gebruikt de rest van mijn vakgebied” is soms belangrijker dan welk programma jij persoonlijk het prettigst vindt, want je moet ermee kunnen uitwisselen.
| Wat je doet | Het programma dat daarbij hoort |
|---|---|
| 2D-tekeningen, plattegronden, technische details | AutoCAD |
| Gebouwen ontwerpen met BIM, inclusief installaties | Revit |
| Machines en mechanische onderdelen | Inventor |
| Productontwerp met simulatie en productie in één | Fusion |
| Animatie voor film en games | Maya |
| Visualisatie en archviz, fotorealistische beelden | 3ds Max |
| Infrastructuur, wegen en terreinen | Civil 3D |
AutoCAD of Revit: de verwarring die het meest voorkomt
De meeste twijfel zit tussen deze twee, en dat is logisch, want ze overlappen aan de randen. Het verschil in één zin: AutoCAD tekent lijnen, Revit bouwt een model. In AutoCAD zet je een muur neer als twee lijnen; in Revit zet je een muur neer die weet dat hij een muur is, met een dikte, een materiaal en een relatie tot het dak erboven.
Werk je alleen aan 2D-tekeningen, of lever je aan partijen die AutoCAD-bestanden verwachten, dan is AutoCAD de juiste keuze en is Revit overkill. Werk je aan gebouwen waarbij een wijziging in de plattegrond automatisch in de doorsnede en de materiaalstaat moet doorwerken, dan is Revit het gereedschap en zou AutoCAD je juist afremmen. We hebben die keuze uitgebreid tegen elkaar gezet in AutoCAD of Revit.
De prijzen die de keuze scherpstellen
Autodesk rekent per gebruiker en per jaar, en de bedragen zijn stevig. Op autodesk.com/nl stonden op 9 augustus 2026 deze adviesprijzen: AutoCAD € 2.203 per jaar, Revit € 3.159 per jaar, Fusion € 714 per jaar, en de AEC Collection € 3.860 per jaar voor één gebruiker. Autodesk zet bij dat collectiebedrag zelf “inclusief geschatte btw”.
Twee dingen vallen daaraan op. Ten eerste: het is per gebruiker, niet per computer. Twee mensen die hetzelfde programma gebruiken, hebben twee licenties nodig, ook als ze op dezelfde pc werken. Ten tweede: het verschil tussen één titel en een collectie is kleiner dan je zou denken. Revit alleen kost € 3.159, de hele AEC Collection € 3.860. Dat brengt ons bij de rekensom die de meeste mensen verkeerd maken.
Wanneer is de AEC Collection of Alle Apps het waard?
Een collectie is voordelig zodra je drie of meer titels echt gebruikt. Zit je in de bouw en werk je met Revit, AutoCAD én Civil 3D, dan is de AEC Collection goedkoper dan die drie los, en dan is het een makkelijke keuze.
Maar draait je werk om één programma, dan betaal je voor een collectie vooral voor software die je nooit opent. Iemand die alleen Revit gebruikt, geeft bijna zevenhonderd euro per jaar extra uit aan titels die stof vergaren. Het bekende advies “neem bij twijfel de bundel, dat is flexibeler” klopt daarom alleen als die twijfel echt gaat over meerdere programma’s. Twijfel je tussen twee, reken het dan gewoon uit; twijfel je helemaal niet, koop dan de ene titel.
Een concrete rekensom maakt het scherp. Gebruik je alleen Revit, dan sta je op € 3.159 per jaar en is de AEC Collection er € 701 bovenop, geld voor software die je niet aanraakt. Gebruik je Revit én AutoCAD, dan kosten die twee los al ruim vijfduizend euro, en is de collectie van € 3.860 opeens een flinke besparing. Het omslagpunt ligt dus niet bij “twee programma’s misschien”, maar bij “twee programma’s echt, of meer”. Zolang je onder dat punt zit, is de losse titel de zuinige keuze, en boven dat punt de bundel.
Heb ik AutoCAD of AutoCAD LT nodig?
Nog een keuze die geld scheelt. AutoCAD LT is de lichtere, goedkopere variant die alles kan wat je voor 2D-tekenwerk nodig hebt. Het verschil met de volledige AutoCAD zit in 3D-modellering en in de mogelijkheid om met eigen automatiseringen en branchespecifieke toolsets te werken.
Teken je uitsluitend in 2D, plattegronden, details, schema’s, dan is LT waarschijnlijk genoeg en betaal je niet voor 3D-gereedschap dat je nooit aanraakt. Werk je met 3D-modellen of met de gespecialiseerde toolsets voor bijvoorbeeld werktuigbouw of elektrotechniek, dan heb je de volledige versie nodig. Het is dezelfde logica als bij de collectie: koop het niveau dat bij je werk past, niet het niveau dat indruk maakt.
Machinebouw en productontwerp: Inventor of Fusion
Maak je fysieke dingen, dan komt de keuze neer op Inventor tegen Fusion, en die twee zijn minder inwisselbaar dan ze lijken.
Inventor is de klassieke keuze voor mechanisch ontwerp en machinebouw, met sterke gereedschappen voor grote samenstellingen en technische tekeningen die uit het 3D-model worden afgeleid. Fusion is jonger en bundelt ontwerp, simulatie en productie, inclusief CAM voor CNC-machines, in één pakket. Voor een kleine studio of een zzp’er die van ontwerp tot frezen alles zelf doet, is Fusion vaak logischer, ook omdat het losse abonnement met € 714 per jaar een stuk lager ligt dan de zware pakketten.
Zit je er tussenin en overweeg je ook SolidWorks, dan speelt er meer dan alleen prijs. Die vergelijking staat apart in Fusion vs Inventor vs SolidWorks.
Beeld en animatie: Maya of 3ds Max
Zit je in de creatieve hoek, dan is de scheidslijn redelijk helder. Maya is de standaard voor animatie en character work in film en games. 3ds Max is sterker in visualisatie en archviz: fotorealistische beelden van interieurs, gebouwen en producten. Veel bureaus die renders maken voor de bouw kiezen 3ds Max, juist omdat het aansluit op de modellen die uit Revit komen.
Belangrijk om te weten: een renderpakket is geen modelleerpakket. Maya en 3ds Max maken je beelden mooi, maar het bouwwerk zelf teken je in AutoCAD, Revit of Inventor. Wie in de bouw of techniek zit, heeft dus vrijwel altijd twee gereedschappen: een om te ontwerpen en een om te tonen.
Dat is ook meteen het punt waar een collectie ineens wél logisch wordt. Een architectenbureau dat in Revit ontwerpt en in 3ds Max presenteert, gebruikt twee zware titels die allebei in de AEC Collection zitten. Op het moment dat je gereedschap om te ontwerpen en gereedschap om te tonen combineert, tel je bijna vanzelf naar dat omslagpunt toe. Ligt je werk daarentegen puur bij het beeld, bijvoorbeeld als je renders maakt voor modellen die anderen aanleveren, dan heb je aan één renderpakket genoeg en is de rest van de collectie ballast.
Hoeveel licenties heb je echt nodig?
Dit is de vraag die na de programmakeuze het meeste geld beweegt, en hij wordt vaak verkeerd beantwoord. Autodesk rekent per gebruiker. Dat betekent niet per computer en ook niet per project, maar per persoon die de software gebruikt.
Voor een zzp’er is dat simpel: één persoon, één licentie, ongeacht of je op een laptop en een desktop werkt. Voor een klein bedrijf ligt het genuanceerder. Twee tekenaars die allebei Revit gebruiken, hebben twee licenties nodig, ook als ze om beurten op dezelfde werkplek zitten. Werken mensen op verschillende momenten, dan is er geen manier om één licentie legaal te delen alsof het een abonnement voor het hele kantoor is.
De praktische les: tel de mensen, niet de machines. En koop niet vast voor groei die er misschien komt. Een extra licentie erbij nemen kan altijd nog; een jaar betalen voor een stoel die leeg blijft, krijg je niet terug.
Wanneer je nog niets moet kopen
Er zijn twee gevallen waarin ik zou wachten.
Studeer je nog, of geef je les, dan biedt Autodesk zijn software gratis aan voor onderwijs. Dat is een aparte route, rechtstreeks bij Autodesk, en zolang je daarvoor in aanmerking komt hoef je niets te kopen. Een betaalde licentie kopen terwijl je recht hebt op de onderwijsversie is zonde. Let wel op dat een onderwijslicentie niet voor commercieel werk bedoeld is; ga je met je ontwerpen geld verdienen, dan heb je alsnog een gewone licentie nodig.
En weet je nog niet welk vak je in gaat, of wil je een programma eerst uitproberen, dan zijn er gratis proefversies. Koop pas als je weet dat je het gaat gebruiken en waarvoor. De duurste beslissing bij Autodesk is niet de verkeerde titel kiezen, maar een dure titel kopen die je uiteindelijk laat liggen.
Waarom hetzelfde programma bij ons zoveel minder kost
De bedragen hierboven zijn de adviesprijzen van Autodesk zelf. Wij verkopen dezelfde software voor een fractie daarvan, en dat is geen truc, het is de tweedehandsmarkt die het Europese Hof van Justitie uitdrukkelijk heeft toegestaan. Een eeuwigdurende licentie die eerder is verkocht en waarvan de vorige eigenaar afstand heeft gedaan, mag opnieuw worden verkocht.
Waar je op moet letten is niet de prijs maar de herkomst: een nette overdracht van een hele licentie is iets anders dan een opgeknipte volumesleutel. Die juridische kant en de vraag hoe je een betrouwbare verkoper herkent, hebben we uitgewerkt in is tweedehands software legaal. Dat is de moeite van het lezen waard voordat je een dure titel bestelt, want juist bij Autodesk zit het verschil in de details.
Dus, andersom dan een samenvatting: kies op je vak, koop het kleinste dat dat dekt, en neem pas een collectie als je er echt drie titels uit gebruikt. Twijfel je nog tussen twee programma’s, lees dan de gerichte vergelijking erbij en reken het verschil voor jezelf uit. Dat kost tien minuten en bespaart je mogelijk honderden euro’s per jaar.
Slim software kopen?
Bekijk onze originele licenties met directe levering en ondersteuning.